Vaak wordt gedacht dat voorlezen alleen iets is dat je doet voor kinderen die zelf nog niet kunnen lezen. Maar voorlezen kun je veel langer blijven doen, want het levert veel op!

Waarom voorlezen?

Voorlezen op het voortgezet onderwijs verhoogt het leesplezier bij leerlingen. Zonder er zelf moeite voor te hoeven doen, kunnen ze genieten van verhalen. Zeker voor leerlingen bij wie de drempel om te gaan lezen nog groot is, kan voorlezen een zetje in de goede richting zijn. Je laat je leerlingen ervaren dat boeken mooi, grappig, spannend, boeiend of ontroerend zijn en voedt de honger naar verhalen. En met verhalen werkt het hetzelfde als met suiker: als je eenmaal de smaak te pakken hebt, wil je eigenlijk alleen nog maar meer.

Een extra zetje in de rug

Door voor te lezen, kun je leerlingen met weinig leeservaring laten zien naar welke verhalen ze zelf toe kunnen lezen. Boeken die qua onderwerp bij de levensfase passen, maar technisch nog te lastig zijn, kunnen wel voorgelezen worden. Op deze manier ontstaat er ondanks de beperkte ervaring met het lezen van complexere boeken, toch een positieve associatie met lezen.

Perfecte pitch

Het voorlezen van fragmenten in de klas is daarnaast een uitstekende manier om een boek te pitchen. Geen omslag, beschrijving of boekentip kan de leerling beter kennis laten maken met een verhaal dan de tekst zelf. Kies hiervoor een boek dat je zelf hebt gelezen en waar je enthousiast over bent. Vertel kort iets over het boek en wat je er zo goed aan vindt. Hierna lees je een stukje voor en uiteraard stop je precies op het moment dat je leerlingen willen dat je verder leest. Er is vast een leerling die het boek graag van je leent om te ontdekken hoe het verhaal afloopt.

Wat lees je dan voor?

Op welke manier je voorlezen in jouw lessen kunt integreren is persoonlijk. Je kunt ervoor kiezen om regelmatig een fragment voor te lezen om je leerlingen te verleiden het boek zelf te gaan lezen, maar je kunt er ook voor kiezen om een heel boek voor te lezen in de klas. Er zijn veel boeken die hier erg geschikt voor zijn, zoals de boeken van Mirjam Mous, Rob Ruggenberg en Susin Nielsen. Of denk eens aan Honderd uur nacht van Anna Woltz en De waarheid volgens Mason Buttle van Leslie Connor.
Lees je liever niet zo lang voor of heb je tijdens een periode een druk programma? Lees dan iedere dag een gedicht voor uit bijvoorbeeld Onbreekbaar van Hans Hagen of een verzamelbundel van Plint en praat na het voorlezen kort over het gedicht.

Moet dat echt iedere les?

Natuurlijk hoef je niet iedere les een kwartier van je kostbare tijd op te offeren aan voorlezen. (Al zouden wij natuurlijk staan te juichen als het je lukt om zoveel tijd vrij te maken voor lezen in de klas.) Sluit er bijvoorbeeld het laatste lesuur van de week mee af, als de concentratieboog van je leerlingen al een beetje begint te hangen. Of overweeg eens om je les met voorlezen te beginnen, voor een rustig begin van het uur. Dan heb je ook de ruimte om eens door te praten over dat wat je net hebt voorgelezen. Probeer er wel regelmaat in te brengen, zodat je leerlingen ergens naar uit kunnen kijken en jij je op tijd kunt voorbereiden op het voorlezen.

Voorlezen gaat niet altijd vanzelf

Eerlijk is eerlijk: voorlezen is niet voor iedereen even gemakkelijk. Het is verstandig om je voor te bereiden op dat wat je wilt gaan voorlezen, zeker als je nog niet zoveel ervaring hebt. Kies een fragment en lees het vooraf door. Oefen eventueel hardop, zodat je niet over woorden struikelt en voldoende rust inbouwt. Bij ontroerende verhalen is het soms zelfs fijn dat je weet wat er gaat komen, zodat je straks niet in tranen zit voor te lezen.
Praktische tips voor bij het voorlezen vind je overal op internet. Kijk bijvoorbeeld eens op de website van het Jaar van het Voorlezen, die bij de gelijknamige campagne uit 2013 hoort.

Boek uit. En dan?

Of je nu een fragment hebt voorgelezen of een heel boek, er zijn altijd aanknopingspunten te vinden om over verder te praten met je leerlingen. Doorpraten over verhalen zorgt ervoor dat je leerlingen nadenken over het verhaal. Hierover vertellen we binnenkort graag meer in een nieuwe blog.

Deel dit bericht